ISVAG - Werking

Werking

  1. ISVAG
  2. Iedereen produceert afval
  3. Werking ISVAG
  4. Energierecuperatie
  5. Rookgaszuivering
  6. Schema’s
  7. Virtuele rondleiding

1. ISVAG

ISVAG is een intergemeentelijke samenwerking, gevormd door de steden Antwerpen en Mortsel, de gemeenten Boom, Puurs, Niel en Hemiksem, en de intercommunale IGEAN milieu en veiligheid. Afgevaardigden van deze zeven deelnemers vormen samen een Raad van Bestuur die instaat voor het beleid van ISVAG. ISVAG werd opgericht in 1975 voor een periode van dertig jaar. Begin 2005 werd de samenwerking verlengd tot eind 2023. De verbrandingsoven zelf werd in 1980 voor het eerst opgestart in Wilrijk. In 1995 sloot ISVAG een overeenkomst met Electrabel voor de bouw van een installatie voor energierecuperatie.

2. Iedereen produceert afval.

We proberen allemaal zo weinig mogelijk afval te produceren: we gaan preventief te werk en hergebruiken, sorteren of recycleren. Grondstoffen die gerecycleerd, hergebruikt of apart verwerkt kunnen worden - zoals glas, papier, GFT en PMD - scheiden we netjes van de rest. Daardoor is de totale hoeveelheid restafval gelukkig al een stuk minder geworden. Maar hoe goed we ook ons best doen, er blijft altijd een restfractie afval over. Die restfractie verbranden in een roosteroven is vanuit milieuoogpunt de beste oplossing. Voorkomen is beter dan genezen. Dit principe wordt ook gebruikt door de Vlaamse overheid en OVAM bij de opmaak van het milieubeleidsplan en het afvalstoffenplan. Voorkomen van afval is beter dan hergebruiken, hergebruiken is beter dan recycleren en recycleren is op zijn beurt weer beter dan verbranden. En tot slot is ons milieu merkbaar beter af met de verbranding dan met het storten van de restfracties.
  1. Voorkomen afval
  2. Hergebruiken
  3. Recycleren
  4. Verbranden met energierecuperatie
  5. Verbranden zonder energierecuperatie
  6. Storten

3. Werking ISVAG

A. Afvalophaling

Wekelijks komt de bekende huisvuilkar in de straat langs om de zak met restafval op te halen die we op de stoep hebben gezet. De laatste jaren hebben we met zijn allen flink ons best gedaan om heel wat nuttige stoffen uit het restafval te halen. Zoals eerder vermeld, worden grondstoffen die gerecycleerd, hergebruikt of apart verwerkt kunnen worden, zoals glas, papier, GFT (Groenten, Fruit en Tuinafval) en PMD (Plastic flessen, Metalen verpakkingen en Drankkartons), van het afval gescheiden. Wat overblijft, grof vuil en restafval, wordt door ISVAG verwerkt.

B. Weegbrug

Elke vrachtwagen die ISVAG binnenkomt, rijdt over de weegbrug. Het wegen gebeurt opnieuw wanneer de lege vrachtwagen wegrijdt. Zo kennen we precies het gewicht van het restafval dat werd gebracht.

C. Bunker

De binnengekomen vrachtwagens storten hun lading in de opslagbunker. Per dag wordt hier zo’n 600 ton afval gelost. In totaal kan in de bunker zo’n 3.000 ton worden opgeslagen. Buiten de enorme hal valt hiervan nauwelijks iets te merken. Dat komt omdat een luchtafzuigingssysteem de hal voortdurend in onderdruk houdt en alle vervelende geurtjes wegzuigt. Die lucht wordt gebruikt als noodzakelijke 'verbrandingslucht'. Vuur maken zonder zuurstof is immers onmogelijk.

Het grof vuil in de bunker wordt in de rotorschaar – een soort enorme koffiemolen – eerst in kleine stukjes gemalen. Daarna wordt al het afval met de grijpkranen goed door elkaar gemengd, zodat makkelijk brandbare en moeilijk brandbare bestanddelen goed door elkaar zitten. Een homogeen mengsel is noodzakelijk voor een optimale verbranding. Vanuit de controlekamer worden de kranen bediend met grijpers die elk zo’n 2,5 ton kunnen tillen. Hiermee wordt het afval via trechters in de ovens ingebracht.

D. Verbranden

Onze verbrandingsinstallatie in Wilrijk werd in 1980 opgestart. Door forse investeringen werd de installatie voortdurend up-to-date gehouden. Ons bedrijf is continu op zoek naar de best beschikbare technieken om het afval op de meest milieuvriendelijke manier te verwerken. Onze investeringen moeten zorgen voor het milieu van de toekomst. Of zeggen we beter 'voor de toekomst van het milieu'? En die inspanningen leveren een 'proper' resultaat op. Vandaag heeft ISVAG de best beschikbare technologie in huis om afval op een duurzame en ecologische wijze te verwerken en onze ovens voldoen aan de strengste Vlaamse normen en Europese richtlijnen.

E. Oven

De installatie waarin we het afval verwerken is een roosteroven. Via schuivende en kantelende roosters beweegt het het restafval van boven naar beneden, terwijl het opbrandt. Dit gebeurt bij een temperatuur van circa 950°C en duurt ongeveer drie kwartier. Er wordt hierbij geen enkele brandstof toegevoegd. Restafval is immers een brandstof op zich. De ISVAG oven bestaat uit twee identieke ovenlijnen die elk zo’n 9 ton afval per uur kunnen verwerken, 24 uur per dag, het hele jaar door. Op die manier verwerken onze medewerkers ongeveer 125.000 à 135.000 ton per jaar. Het volledige verwerkingsproces is computergestuurd en geautomatiseerd. Alle sturingen gebeuren vanuit de controlekamer, het hart van het bedrijf. Hier volgen de operatoren de werking van de installatie op verschillende computerschermen.

F. As

Na de verbranding blijft er onderaan de oven enkel nog as over. In volume is dit nog ongeveer 10% van de oorspronkelijke hoeveelheid afval. De as gaat door een waterbad om af te koelen en gaat via een triltafel naar een aparte opslagbunker. Een grote ronddraaiende bandmagneet haalt er eerst nog alle ijzer uit. Dit wordt gerecycleerd in de staalindustrie. Wat overblijft wordt afgevoerd en nuttig gebruikt als funderingsmateriaal in de wegenbouw.

4. Energierecuperatie

Verbranden is slechts een deel van onze activiteit. Het leidt immers tot het recupereren van waardevolle groene, hernieuwbare energie. Het zou zonde zijn om de warmte die bij de verbranding vrijkomt verloren te laten gaan. Groene stroom wordt gewonnen uit hernieuwbare energiebronnen, dus uit andere dan fossiele brandstoffen of kernsplijting. In praktijk zijn dit onder andere zonne-energie, windenergie, waterkracht, biogas of biomassa. Ook in huishoudelijk afval zit een hernieuwbare fractie of biomassa. ISVAG zet die om in elektriciteit. We hanteren hiervoor een even vernuftige als betrouwbare en schone technologie. Tijdens het verbrandingsproces wordt de warmte door een afgescheiden ketel geleid, waarin stoom wordt geproduceerd. Deze stoom drijft de schoepen van een turbine aan, die gekoppeld is aan een alternator. Deze alternator produceert elektrische energie. Of hoe stoom stroom wordt, met afval als grondstof. De hoeveelheid energie die we zo opwekken is overigens allesbehalve gering: ze volstaat om meer dan 20.000 gezinnen het hele jaar door te voorzien van elektriciteit. En er is nog meer: die alternatieve energie levert een aanzienlijke brandstofbesparing op. Want om evenveel energie te produceren in een gewone elektriciteitscentrale is maar liefst 30.000 ton steenkool of 18.000 ton aardolie nodig.

5. Rookgaszuivering

De rookgaszuivering is eigenlijk het grootste deel van onze installatie. Het spreekt voor zich dat we de rookgassen eerst nauwgezet zuiveren, alvorens ze door de schouw naar buiten worden gelaten. Voor afvalverwerkingsinstallaties zoals ISVAG gelden een aantal strikte Vlaamse en Europese normen. ISVAG doet er alles aan om ervoor te zorgen dat de rookgassen die vrijkomen, zelfs nog een stuk zuiverder zijn dan de normen opleggen.

A. Elektrofilter

De eerste stap in het zuiveringsproces is de elektrofilter. De elektrofilters zijn de grote blinkende dozen die naast de schouw zijn opgesteld, één voor elke ovenlijn. In deze filter worden 99% van alle stofdeeltjes uit de afgekoelde rookgassen gevangen. Wat overblijft is vliegas, die via een afgesloten transportsysteem afgevoerd wordt naar een opslagsilo.

B. Halfnatte wassing

Bij de tweede stap worden de rookgassen gewassen in de “halfnatte wassing”. In een grote reactietank wordt kalkmelk verneveld waardoor de rookgassen verder worden afgekoeld tot 170°C en schadelijke stoffen verwijderd worden.

C. Mouwenfilter

De mouwenfilter is de derde fase in het filterproces. Deze filters bestaan elk uit 768 lange kunststof mouwen die aan een kader zijn opgehangen. Hierdoor krijg je een oppervlakte doek dat bijna even groot is als een voetbalveld. De rookgassen worden onderaan in de filter ingevoerd en verlaten de mouwenfilter aan de bovenzijde, gezuiverd van dioxines, furanen en zware metalen. Het stof dat overblijft in de mouwenfilter wordt opgevangen en in een silo opgeslagen.

D. Natte wassing

De laatste stap in de rookgaszuivering is de natte wassing. In gigantische wastorens worden de rookgassen overvloedig besproeid met water. Hierdoor koelen ze verder af tot ongeveer 65°C en worden ze nog eens extra gezuiverd. Het water dat in deze wastorens gebruikt wordt, halen we uit het nabijgelegen waterzuiveringsstation. Al het gebruikte water in de installaties wordt door ISVAG zelf opnieuw gezuiverd, hergebruikt en verdampt, waardoor geen druppel afvalwater in de riolering terecht komt.

E. Emissiemetingen

Na de lange weg door het hele zuiveringssysteem voldoen de rookgassen aan de meest strikte normen en kunnen ze eindelijk de schouw in. De witte pluim die je uit onze schouw ziet opstijgen wordt eigenlijk gevormd door kleine druppels waterdamp. Een meetinstallatie, met speciale sondes voor elke oven, houdt nauwlettend de kwaliteit van de rookgassen in het oog. Ze worden hiertoe constant gecontroleerd op de aanwezigheid van een aantal stoffen:

  1. CO: koolstofmonoxide
  2. HCl: chloriden
  3. NOx: stikstofoxiden
  4. SO2: zwaveldioxide
  5. Stof: totaal stofgehalte
  6. Totaal koolstof: totaal organische gebonden koolstof
  7. Dioxines

Ter bevestiging vullen erkende labo’s onze meetresultaten geregeld aan met hun bevindingen. Uit een vergelijking met de Vlaamse en Europese normen blijkt dat de meetresultaten voor de ISVAG schouw een heel stuk onder de normen blijven

6. Schema's

Hieronder vindt u verschillende schema's van onderdelen van de installatie met een beknopte technische uitleg. Door erop te klikken kunt u deze opslaan op uw computer en bijvoorbeeld gebruiken voor samenstelling van uw eigen documenten.

7. Virtuele rondleiding